Live bij het Radio Noord programma Twij Deuntjes veur Ain Cent en bij De Centrale

by George M. Welling

/
1.
De Duinen 02:40
De duinen (een Haarlems lied) We woonden in een kak dorp Een kwartiertje van de zee Vaak ging ik naar de duinen En mijn gitaar ging altijd mee En dan speelde ik mijn Dylan Paul Simon en Cohen Met al die lappen tekst Die ik nog steeds van buiten ken En weer een paar jaar later Gingen we groepsgewijs Met zijn allen naar de duinen En iedereen had prijs De groep splitste in paartjes Er werd gezoend onder de zon Alleen trof ik vaak het meisje Dat zei dat ik niet zoenen kon De duinen, de duinen, de Noordzee, het strand De duinen, de duinen en overal zat zand Ik werd langzaam ouder Maar steeds kwam ik weer terug En dan kwam ik later thuis Met het zand nog op mijn rug Ik zou het echt niet weten Was het liefde, was het lust Maar het was altijd in de duinen Het was altijd aan de kust Ik ben te oud geworden Om te vrijen in het zand De dames die ik nu ken Vinden dat ook niet galant Maar ik kan het toch niet laten Dus neem ik ze met me mee Naar een hotel in Zandvoort Met uitzicht over zee De duinen, de duinen, de Noordzee, het strand De duinen, de duinen en overal zat zand Maar als ik nu soms thuis kom Van een reis in ’t buitenland En het vliegtuig zet de landing in En ik zie het duinenzand Dan zie ik ons daar liggen Alsof de tijd al die tijd stil stond Toen wij de liefde deelden En je mij de liefste vond © 2010 George M. Welling
2.
Broertje Toen mijn broertje uit de kast kwam Vond ik dat toch wel iets geks Niet dat ik niet van mannen houd Alleen niet voor de seks Maar hij was altijd heel open Over met wie hij het zo al deed Maar al zijn avontuurtjes Interesseerden mij geen reet Het was moeilijk voor mijn vader Hoewel hij progressief gelovig was Dat hij moest accepteren Dat zijn eigen zoon een homo was Hij moest naar een psychiater Die dikke rapportages schreef Maar de tekens waren helder Zijn schaamhaar in mijn Philishave Hij leidde een ruig leven Kende iedere nichtentent Want alles kon en alles mocht Aids was nog onbekend Misschien iets te lang doorgegaan Of niet goed opgepast Maar het virus heeft hem gevonden En volledig aangetast Het leek wel op een slagveld Vrienden stierven één voor één Hij heeft nog jaren doorgeleefd Door pillen op de been Maar hij is veel te jong gestorven Vermagerd tot op ’t bot Hij wilde niet meer verder Gaf zich over aan het lot Je broers kun je niet kiezen Ik was zijn keuze niet Mijn zuster stond steeds naast hem Toen hij ons verliet Zijn foto hangt bij mijn bureau Hij kijkt lachend me lachend aan Met bloemen en een knapzak Voorgoed op reis gegaan © 2011 George M. Welling
3.
Katja (een Groningse tango) Toen ik hier pas kwam wonen Heb ik heel snel geleerd Men is hier positiever Dan elders wordt beweerd Want het is ja voor, het is ja na En ja er tussen in Ze zeggen echt bij alles ja En niet met tegenzin Neem nou Katja, dat was een schat ja Volgens mij het schierste wicht van heel de stad ja Ze was apadja, zeker niet plat ja Ja met Katja dan wist je wat je had ja De dames uit het noorden Staan niet bepaald bekend Om heur grote hartstocht Of om heur temperament Toch moet het gezegd Ze hebben één ding mee En dat is niet zo slecht Ze zeggen liever ja dan nee Ach die Katja, wat dacht je wat ja Die was zeker niet te vangen voor één gat ja Die zwerfkat ja, niet lang voordat ja Ik lag met haar te rollen op de mat ja Men spreekt hier over wichten Waar ik van meisjes spreek In liedjes en gedichten Of zondags in de preek Het zijn soms niet de mooiste Soms zijn ze niet zo lief Maar ze hebben wel één voordeel Ze zijn zo positief Want neem nou Katja, had keuze zat ja Die wou de eerste keer meteen met mij in bad ja Die mij opvrat ja, en dat omdat ja Ik volgens haar een mooie knibbe had ja Mien poedie, mien laiverd Veur wel ik deur t vuur goa ’t ken mie niks verschelen Da’k hier al een uur stoa Ik heb pien in mien vouten Mor d’ knibbe vol sinten Omdat wie hier in rieg stoan Mit stadjers en mit Drìnten Want ja die Katja dat was een rat ja Zij ging er altijd tegenaan met wat ze had ja En als Katja weer aan je zat ja Dan was het kassa voor haar in de Nieuwstad ja En voor die Katja uit Petrograd, ja Stond er een file van Drenthe tot aan ’t wad, ja ©2014 George M. Welling
4.
Voor de trein Als je suïcidaal bent en niet helemaal asociaal bent Spring dan nooit, nooit, nooit voor de trein Hang jezelf lekker op, of schiet een kogel door je kop Maar spring nooit, nooit, nooit voor de trein En ook al zou je het toch willen, neem dan tien keer liever pillen Het resultaat is uiteindelijk net zo fijn Heb je het helemaal gehad, gooi de broodrooster in bad Maar spring nooit, nooit, nooit voor de trein Is je leven een ruïne, spuit je lek met heroïne Maar spring nooit, nooit, nooit voor de trein Wil je ondanks alles dood, spring dan in een gracht of sloot Maar spring nooit, nooit, nooit voor de trein Sta je bij de overweg en heb jij dan juist de pech Dat een ander je vóór was, niet zo fijn En omdat hij er dus wel aanging, heeft jouw trein nu vertraging Dus spring nooit, nooit, nooit voor de trein Heb je je afscheidsbrief geschreven en wil je stoppen met dit leven Spring dan nooit, nooit, nooit voor de trein Is je zwart geld niet te witten en zie je het allemaal niet meer zitten Spring dan nooit, nooit, nooit voor de trein Het komt altijd ongelegen, het ontregelt de spoorwegen En ook de machinist vindt het bepaald niet fijn Wil je echt eens lekker botsen, spring in Spanje van de rotsen Maar spring nooit, nooit, nooit voor de trein Want de bussen staan nooit klaar, en dan wordt het: wachten maar En ik rook me de kanker in mijn longen En iedereen aan het bellen om het thuisfront te vertellen Het wordt later want er is er één gesprongen Al die rommel, al die bende en dat alleen om jouw ellende Spring dus nooit, nooit, nooit voor de trein Zoek je het einde definitief, wees dan ook eens positief En spring nooit, nooit, nooit voor de trein Probeer één keer in je leven een keer om anderen te geven Jouw einde hoeft geen ergernis te zijn Spring je morgen van een toren, zal je van mij geen klachten horen Maar spring nooit, nooit, nooit voor de trein En van mij mag dit ook wel, spring als Brood van een hotel Maar spring nooit, nooit, nooit voor de trein Ik gun iedereen zijn verzetjes, maar houd het nou toch netjes En spring nooit, nooit, nooit voor de trein © 2009/2011 George M. Welling
5.
Winter 02:21
Winter Een koude wind uit het oosten Snijdt me dwars door mijn jas ’t kon best wel gaan sneeuwen er staat al ijs op de plas En de pin in mijn botten Speelt weer op bij dit weer ’t is al jaren geleden maar ’t doet nog steeds zeer refrein: het geluk en de pret het is zo eenzaam in bed en de tijd kruipt voorbij en de vraag blijft voor mij is het beter zo dan het had kunnen zijn ben je nu echt gelukkig of is dat maar schijn ’t is weer tijd voor een tochtje en ondanks de kou draai ik soepel mijn bochtjes maar ik denk steeds aan jou hoe wij hier toen reden als een ijzer sterk paar ik vergeet nooit het beeld van de wind in jouw haar in de haard brand een vuurtje ‘k heb een glas in mijn hand tot in de kleine uurtjes pijnig ik mijn verstand ik was veertig jaar jonger maar ik weet hoe het is hoe dichter het einde hoe meer ik je mis © 2001 George M. Welling
6.
Kinderen Waarom heb ik kinderen, het is een bodemloze put Ze kosten bakken vol met geld en wat is eigenlijk het nut Als ze net geboren zijn heb je geen nacht meer rust Loop je als een zombie rond, volkomen uitgeblust Worden ze wat ouder, dan word je hun chauffeur En kunnen ze eenmaal fietsen, dan word je hun monteur Je brengt ze naar het voetbal, hockey of gymnastiek En iedere voorspeelavond luister je naar hun muziek En weer een paar later betaal je hun rijbewijs Dan lenen ze je auto en gaan ermee op reis De deuken en de krassen zijn nooit hun eigen schuld En als je hem weer terug krijgt is de tank nooit bijgevuld Dan gaat zo’n kind studeren wat je best verstandig lijkt Omdat iedere ouder wil dat zijn kind toch wat bereikt Maar student zijn en studeren dat is een groot verschil En als je daar iets over zegt wordt het ineens erg stil Ik heb lieve kinderen, laat duidelijk zijn We houden van elkaar en hebben het best fijn Maar ik heb ergens gelezen, per kind een kwart miljoen En soms denk ik dan wat ik daarmee had kunnen doen Als ik geen kinderen had gehad reed ik in een Porsche rond Dan woonde ik in Wassenaar, kocht ik kaviaar per pond Mijn vrouw had een Mercedes, zes keer per jaar op reis Dan woonden we niet in een huis, maar in een flink paleis Ik droeg enkel nog Armani, had een Rolex om mijn pols En was mijn Porsche stuk, nam ik gewoon de Rolls Ik had een tweede huis en ook een heel groot jacht Niet dat ik van varen houd, maar voor de status die het bracht Economisch is het simpel, het kan gewoon niet uit Begin je ooit aan kinderen, word je je leven uitgebuit Scheidt het sperma van het eitje, het is een oud verhaal Want anders krijg je nageslacht en dat plukt je zeker kaal. Mijn kinderen wachten nu op een allerlaatst couplet Waarin alles wat ik eerder zei weer wordt rechtgezet Maar deze ene keer sluit ik geen compromis Alles blijft zoals het was, het is zoals het is Ik heb lieve kinderen, laat duidelijk zijn We houden van elkaar en hebben het best fijn Maar ik heb ergens gelezen, per kind een kwart miljoen En soms denk ik dan wat ik daarmee had kunnen doen Waarom heb ik kinderen, het is een bodemloze put. ©2011 George M. Welling
7.
8.
Juffrouw Van Schaik Ik was een kleine jonge, de kleinste van de klas Omdat mijn verjaardag pas eind augustus was We waren katholiek, dus alleen jongens op de school En omdat ik de kleinste was, moest ik altijd op goal We hadden thuis wel meiden, maar die telden niet echt mee Want je zusters zijn je zusters en ik had er dus twee Ik was een jaar of negen, misschien was ik nog acht Toen kregen we een juffrouw waar ik veel te veel aan dacht Misschien was ze al dertig, dat kon ik als kind niet zien Maar ik ging ineens mijn best doen, slechts tevreden met een tien Ze was een struise dame, aan alle kanten rond En ik kon maar niet begrijpen waarom ik haar zo spannend vond Refrein: Juffrouw Van Schaik, ach ik had nog geen idee Wat die dingen waren in haar decolleté Maar ik vond het intrigerend en ik was gefascineerd En zo werden het de jaren, dat ik het meeste heb geleerd Mijn vriendjes maakten grappen, ik begreep er weinig van Het ging vaak over neuken en hoe vaak een man dat kan Ik lachtte maar wat mee, ach ik was nog zo naief Ik was nog onbedorven en ik vond mijn juf zo lief Maar misschien was het een teken, misschien wel een symptoom Dat mijn juffrouw voorkwam in mijn eerste natte droom Nu ben ik jaren ouder, ik weet niet of zij nog leeft Maar ik wil haar toch bedanken voor het plezier dat ze me geeft Want we doen het in mijn dromen op zijn Russisch, Grieks of Frans En we gaan heftiger tekeer dan in Wolkers’ zijn romans En mocht ze niet meer leven dan is dit mijn monument Voor de allerliefste juffrouw die ik ooit heb gekend © 2011 George M. Welling
9.
Stadjers en studenten Eenzaam gebogen over boeken, ze werken zich bijkans kapot Met holle ogen, holle wangen, eenzaam op hun studentenkot Terwijl de Stadjers als maar feesten, alsof er echt geen maat op staat Soms komen ze elkaar tegen als de student naar college gaat ’s morgens vroeg weer op het fietsje met de broodtrommel achterop De Stadjers, dronken en baldadig, werpen hun alles naar de kop De Stadjers kruipen zo hun nest in, die zie je niet voor ’t middaguur Want slapen, zuipen, kotsen is nu eenmaal hun natuur Refrein (om de 2 coupletten_ Stadjers en studenten, dat komt nooit meer goed Omdat die stomme Stadjers niet snappen hoe het moet Dat je je netjes moet gedragen, dat je van junks geen fietsen koopt Dat je niet hard hoeft te schreeuwen als je ’s nachts nog buiten loopt Ze spelen elitair slechts hockey, twee keer per jaar op wintersport Dat kan een student niet lijden, want vier jaar is maar zo kort Zij moeten zwoegen voor tentamens, ze zijn hun studie toegewijd En dat kan iedere prof beamen, die doen ze allemaal op tijd Maar zie de Stadjers met hun huizen met honderd kratten op het balkon En als het eventjes mooi weer is, zitten ze te bakken in de zon Ze zijn een plaag voor de omgeving, van hygiëne nooit gehoord De ratten lopen door de gangen, ’t lijkt een mindere mensensoort Ze hebben rare rituelen voor je een echte Stadjer wordt Dat duurde vroeger soms wel weken, dat is tegenwoordig ingekort De oude Stadjers als kampbeulen jagen de aspiranten op Die mogen daar niet over klagen, die krijgen klappen op de kop En de studenten al maar blokken want hun vier jaar is zo voorbij Geen tijd voor oeverloos ouwehoeren, ff voor een gala-danspartij Geen tijd voor zomerse terrassen, geen tijd voor slempen op de kroeg Want morgen is er weer college en de wekker gaat zo vroeg Misschien na het afstuderen is er misschien toch nog even tijd Te leven als een echte Stadjer, die de dag het liefst vermijdt Die in de nacht van kroeg naar kroeg gaat, stopt pas bij het eerste licht Want speciaal voor alle Stadjers gaan de kroegen hier nooit dicht De stad zou zo mooi kunnen wezen als er geen Stadjers zouden zijn Geen geschreeuw meer in de straten, geen duizend fietsen bij de trein Ze hebben het voorbeeld van studenten, ze zien het rond zich overal Het is niet besteed aan onze Stadjer, het is een hopeloos geval ©2013 George M. Welling

about

Live opgenomen in de Studie van Radio Noord 0p 28 augustus 2014 en op 14 juni 2015

credits

released June 22, 2015

Opgenomen op 28 augustus 2014 voor het programma De Centrale en op 14 juni voor het programma Twij Deuntjes in de studio van Radio Noord.
Programma: Henk Scholte
Opname: Rolf Schreuder
Mastering: George Welling
Foto's: Henk Scholte en Rolf Schreuder
© 2015 George M. Welling

license

all rights reserved

tags

about

George M. Welling Groningen, The Netherlands

Op mijn veertiende verjaardag kreeg ik een gitaar en daar is het allemaal misgegaan. Vele jaren en vele bandjes later besloot ik ineens om alleen nog maar Nederlandse liedjes te schrijven. Geniet ervan!

contact / help

Contact George M. Welling

Streaming and
Download help

Report this album or account

George M. Welling recommends:

If you like George M. Welling, you may also like: